10.00 uur Zondag 6 december * 2e zondag van de Advent * ds. Henk Haandrikman en dr. Paul Kapteyn, lekenpreek

Paul (dr. P.J.H.) Kapteyn (Veendam, 1942) studeerde sociologie en theologie in Groningen. In de jaren ’60 was hij daar voorzitter van een vrijzinnig-christelijke studentenvereniging die toen, als een van haar activiteiten, een bijbelkring hield waarin een boek werd besproken dat nu uiteindelijk voor de commissie Vorming en Toerusting aanleiding was Paul Kapteyn als lekenpredikant uit te nodigen. Dat boek was Widerstand und Ergebung (Verzet en Overgave) van Dietrich Bonhoeffer.
Toen hij zijn studie theologie in 1970 had afgerond voelde Paul Kapteyn, zegt hij, de drang om in de voetsporen te treden van zijn vader en zijn opa, die beiden predikant waren geweest. Toch zag hij daarvan af. De secularisatie had in die tijd zo hard toegeslagen, dat hij bang was dat er nooit iemand naar zijn preken zou komen luisteren. Hij kreeg de gelegenheid aan de Universiteit van Amsterdam te gaan werken, waar hij werd aangesteld als universitair docent, en dat bleef hij tot zijn pensionering in 2005.
Vijfentwintig jaar eerder, in 1979, promoveerde hij op het proefschrift Taboe, ontwikkelingen in macht en moraal. De handelseditie daarvan deed in de media nogal wat stof opwaaien. Dat kwam ook doordat een aanleiding van het proefschrift lag in het toen geruchtmakende, taboedoorbrekende tv-programma Zo is het toevallig ook nog ’s een keer. Een programma dat zulke heftige reacties opriep dat de toenmalige regering door aan haar verwante partijen werd gevraagd om ‘verdere schending van de openbare orde en de goede zeden’ te voorkomen en het programma te verbieden.
Voor Kapteyns werk aan de UvA is de bekende socioloog Norbert Elias erg belangrijk geweest. Elias betoogde onder meer dat we als mensen in de loop van de eeuwen steeds afhankelijker van elkaar geworden zijn, waardoor we steeds beter in staat zijn ons ‘beschaafd’ te gedragen. Daarop richtte Kapteyn zijn onderzoek en daarover schreef hij veel boeken en artikelen.
Later werd hij politiek actief, niet als lid van een partij, maar als voorzitter van de Vereniging Democratisch Europa die probeert burgers te steunen die meer directe zeggenschap in het proces van Europese eenwording willen krijgen. Die functie vervult hij nog steeds.