Ei, ei

Er lagen eieren in het nest. Vader en moeder fuut pasten er beurtelings op, buurvrouw waterhoen zwom er rondjes om heen en buurman meerkoet kwam af en toe gevaarlijk dicht in de buurt maar week voor de dreiging van de spitse futensnavel. Ik beschouwde het van een afstandje, evenals de aalscholver die zijn veren te drogen hield, zittend op een verweesd schoeiingpaaltje. We wisten allemaal wat er uit die eieren zou komen. En tot onze vreugde ook daadwerkelijk kwam!

Dat weten we niet van die eieren die in onze bestuurlijke nesten gedropt zijn en binnenkort worden. We kennen de ouders niet, er zijn geen geschriften waarop we kunnen terugvallen, we kunnen hoogstens rekenen op een zekere mate van pedanterie, als dat tenminste overdraagbaar is. Niet te hopen trouwens. De vader van de eieren straalt enige muzikaliteit uit, althans, hij heeft ons allemaal duidelijk gemaakt dat hij een piano heeft. Verder is bekend dat hij vooral graag uilen naar Athene draagt en inspiratie ontleent aan Boreas, de noord(oost)enwind. Bij ons staat die windrichting bekend als ijzig koud. Dat boreale is niet origineel, maar van degenen die dat vóór hem bewonderden hebben we nooit veel goeds ervaren. Naar verluidt zou hij daarvoor ook nog gewaarschuwd zijn door zijn Franse vrienden. Alleen Jean-Marie vond het wel een goed idee. Als die eieren uitkomen zullen het toch geen schorpioenen blijken te zijn (Lucas 11:12)?

Kees van Zijverden
NHD 17mei19