Hemelvaart * 13 mei 2021 * ds. Henk Haandrikman

Orgelspel

Woord van welkom         door ouderling van dienst

 Zanggroep                      Lied 661: 1,2,3       intussen aansteken kaarsen

 Openingsvers        Gezegend zijt Gij
die troont in de hemel,
bron van ons diepste verlangen
adem van ons bidden
ziel van wat ons beweegt.

Open Gij onze lippen
en wij zullen U prijzen:

Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest
zoals het was in het begin en nu en altijd zijn zal
in de eeuwen der eeuwen. Amen.

Dauwtrappen, volleybaltoernooi, lang weekend weg. Een terrasje nu het weer kan. Dat zijn zoal de associaties bij Hemelvaart. Maar een kerkdienst…?
Van alle kerkdiensten in het jaar staat die van Hemelvaart wel achteraan in de beleving.  Ook wel vreemd zo midden in de week. En dan ook nog op een ochtend.
We horen het straks in de lezing uit Handelingen 1: het was de 40e dag na de opstanding, na Pasen. En ja, dan kom je op donderdag uit.

Toch is het in het christelijk jaar, het kerkelijk jaar een belangrijk moment. Een hoofdfeest. Het is een scharniermoment. Nu wordt het anders.
Jezus laat de discipelen, laat ons achter. Het komt nu op ons aan. Hij heeft ons laten zien hoe het is om te leven met vertrouwen, liefde, aandacht. Hij had daar alles voor over en is daarin door zijn hemelse Vader bevestigd: ja dat is mens zijn op aarde.

Henri Nouwen schrijft ergens: het is van wezenlijk belang dat we ervaren hoe goed het is, niet alleen dat iemand komt, maar ook dat diegene weer weggaat.. De herinnering aan een bezoek kan even belangrijk of zelfs nog belangrijker worden, dan het bezoek zelf. ‘Ik ben er diep van overtuigd dat er een evangeliebediening is waarin ons weggaan ruimte schept voor Gods Geest en waarin God door onze afwezigheid Zelf op nieuwe wijze aanwezig kan zijn.’

Het is leven ‘met zonder Jezus’, zoals collega Hester Smits het zei. ‘Zodra het mooi weer is willen alle kinderen ‘met zonder jas’ naar buiten. En hoe vaak je ook zegt dat het ‘met jas’ of ‘zonder jas’ is, dat doet er niet toe: ‘met zonder jas’ is wat ze bedoelen. In ons kikkerlandje is het een aanduiding voor mooie zomerse dagen. ‘Met zonder jas’ naar school betekent juffen en meesters die vrolijk zijn en niet meer aan hard werken denken. Het staat voor bijna schoolvakantie en geen ouders die zeuren over op tijd naar bed. ‘Met zonder jas’ is geen grammaticale fout maar een wereld van verschil, een verlangen.

Zoals ‘met zonder jas’ een vertaling is van een zomerse dag, zo zou ‘met zonder Jezus’ de vertaling kunnen zijn van Hemelvaart.’

Laten wij bidden. Je zou kunnen zeggen dat bidden een Hemelvaart in woorden is

God van hemel en aarde,
vol van hoop en twijfel staan wij voor de opdracht om Jezus,
levend te houden in ons midden,
om in woord en daad zijn voorbeeld na te volgen,
en oprechte getuigen te zijn van zijn boodschap.

Schenk ons uw Geest van wijsheid en kracht,
opdat wij in staat mogen zijn uw hemel naderbij te brengen,
en uw aarde bewoonbaar te maken voor al uw mensen.

Dat vragen wij U in Jezus’ naam. Amen

Psalmengebed        Zingen          Psalm 47:1

Lezen:          Psalm 47: 6-8

Onder gejuich steeg God omhoog,
de HEER steeg op bij hoorngeschal.

Zing voor God, zing een lied,
zing voor onze koning, zing hem een lied:
God is koning van heel de aarde.
Zing een feestelijk lied.

Zingen          Psalm 47: 3

Lezing                          Handelingen 1: 1-11

 Overdenking

Jezus gaat bij wijze van spreken tegen de wetten van de zwaartekracht in. De wet van de zwaartekracht bepaalt alles op aarde en in de kosmos. Maar er zijn ook andere wetten, die van verlangen, van dromen en visioenen, van poëzie.

Maar bij dit alles trekt de zwaartekracht aan ons en alles. Gooi een steen omhoog en hij valt terug op de aarde. Laat een veer vallen en hij dwarrelt omlaag. En zo is het met alles. Ons leven is “zwaar”. Dat is létterlijk waar, maar het geldt ook figuurlijk

Sommige mensen zijn “zwaartillend” in geestelijke zin. Ze tillen zwaar aan van alles en nog wat. Regelmatig horen we alarmerende cijfers over hoeveel mensen in meer of mindere mate depressief zijn. Niet in de zin van een dipje maar lang e tijd of bijna permanent zwaarmoedig. Geen zin om op te staan. Geen zin om aan het werk te gaan. Het valt ze zwaar.  Wat kan het leven in het ondermaanse zwaar zijn. En over de wereld-problematiek, over Corona, terreuraanslagen, over de milieu- en klimaatellende, over het Midden-Oosten, en het onrecht, de armoede en de ongelijkheid.

Er zijn mensen wier leven door die ellende diepgaand getekend wordt. Hoe is voor hen het perspectief? Zwaar denk ik …   Mensen, hoe houden wij de moed erin? Dat is, bij al die zwaarte, natuurlijk wel de vraag … Vandaag horen we verhalen die de moed er bij ons in willen brengen.

Vóór de ogen van de discipelen werd Jezus omhoog geheven en opgenomen in een wolk. Vederlicht. Ja, nog lichter: Níet meer onderhevig aan de zwaartekracht. In een andere dimensie.

Laat Hij ons dan niet juist achter in de zwaarte?

Op veel wat simplistische voorstellingen van de Hemelvaart zie je alleen de voeten van Jezus nog. Dan lijkt het inderdaad of hij ons de hielen laat zien, maar wat we bij Lucas lezen is dat het laatste wat ze van hem zien zijn handen zijn, zijn zegenende  handen. Jezus liet hen niet Zijn hielen zien, maar Zijn handen! Hielen zeggen: ik ga bij je weg! Maar die handen zeggen: ik houd je vast. Ik laat je niet los, ik wil je uit de zwaarte trekken.

Moge Hij ons verlossen van de zwaartekracht, van al “dat zware” van ons leven. Dat we het, door Zijn kracht, van ons áf mogen gooien. Dat ook de zwaarst tillende mensen hier licht mogen worden, lichtvoetig, gewichtloos,” in de wolken”, dichtbij God dus!

Ik lees het allerlaatste stukje van Lucas (24:50-53).

Hij nam hen mee de stad uit, tot bij Betanië. Daar hief hij zijn handen op en zegende hen.
Terwijl hij hen zegende, ging hij van hen heen en werd opgenomen in de hemel.
Ze brachten hem hulde en keerden in grote vreugde terug naar Jeruzalem, waar ze voortdurend in de tempel waren en God loofden.

Zanggroep                       Lied 667: 1,2,3

Collectepraatje

Gebeden

Zanggroep                      Lied 661: 4,5,6

Zegenbede

Dat de hemel ons mag raken
in ons hier-en-nu-bestaan

dat we opgetild worden
uit wat ons trekt aan
neerwaartse spiralen

dat onze voeten staan en gaan in Gods licht
levend hier op vaste grond

daartoe zegene ons
Vader, Zoon en heilige Geest

Orgelspel