Zondag 12 januari * 2e zondag van Epifanie

Jesaja 42: 1-7 en Matteüs 3: 13-17

door ds. Henk Haandrikman (liturg) en Kathleen Ferrier (leken)preek

Welkom en afkondigingen

[gemeente gaat staan]
Lied 215: 1, 6 en 7

Groet: Genade zij u en vrede
van God onze Vader
en van Christus de Heer
Amen

Bemoediging: Onze hulp is in de naam van de Heer
die hemel en aarde gemaakt heeft.

Gebed van toenadering
[gemeente gaat zitten]

Psalm 100:1 en 2

Kyriegebed afgewisseld met verzen van lied 1005

Gloria Lied 100: 3 en 4

Gebed van de zondag

…door Jezus Christus onze Heer.
Amen

Lezing Jesaja 42: 1-7

Zingen: “Lord of all hopefulness”

Evangelielezing Matteüs 3: 13-17

Zingen: “In de Heer vind ik heel mijn sterkte” (een aantal keren)

Preek
Zusters en Broeders,

Zoals u misschien wel weet is momenteel de Grote Surinametentoonstelling te zien in de Nieuwe Kerk op de Dam in Amsterdam. Afgelopen week werd bekend dat de duur van de tentoonstelling met een maand verlengd wordt tot 1 maart, vanwege de enorme belangstelling. Het is een indrukwekkende expositie, die de bezoeker meeneemt, beginnend bij de oorspronkelijke bevolking, met een prachtig top-stuk, een pre-colombiaans Indiaans masker, via de Europese kolonisatoren, via de tot slaaf gemaakten uit Afrika en -na de afschaffing van de slavernij- langs de contractarbeiders uit India, Indonesië, China, naar het heden. Dat heden wordt getekend door de decembermoorden, de binnenlandse oorlog en zo door naar de actualiteit.

Het is een mooie tentoonstelling met veel oog voor kleur en cultuur.

Ik werd er, in het kader van de kinderboekenweek, uitgenodigd om voor te lezen uit het boek met Anansi tori’s, dat mijn vader, Johan Ferrier, die een meesterverteller was, heeft opgesteld. Anansi tori’s zijn verhalen (toris, verSurinaamsing van het Engelse story) over de slimme Spin Anansi. Deze verhalen zijn meegekomen uit Afrika, met de tot slaaf gemaakten. Het zijn verhalen die moed gaven, verhalen van protest, zonder dat de plantage-eigenaren dat door hadden. En steeds weer is in die fabels de spin Anansi, dat kleine onooglijke insect, uiteindelijk zelfs de machtige Koning Leeuw, of zelfs de sterkste Olifant of Walvis te slim af is.
De boodschap is duidelijk: ook al ben je klein en onooglijk en denken anderen dat je niets voorstelt, je hebt altijd nog je eigen waarde, je creativiteit, waardigheid en dus kansen.
Anansi, dat kleine onooglijke diertje, is daarbij het enige wezen op aarde, dat is in staat is draden te maken en zo verbindingen te leggen, het enige wezen dat hemel en aarde kan verbinden.

In de tekst uit Matteüs, de evangelielezing van deze zondag, zien we een vergelijkbaar patroon, een soort van wereld omgekeerd: Johannes zou, conform de hiërarchie, gedoopt moeten worden door Jezus, en roept in verbazing uit naar Jezus “Ik zou door u gedoopt moeten worden en dan komt u naar mij?” Maar Jezus heeft lak aan hiërarchie en status, laat zich niet voor staan op zijn positie en vindt dat moet gebeuren wat er gedaan moet worden.

Jezus stelt hiermee een belangrijk voorbeeld, namelijk dat niemand zich op status of positie zou moeten beroepen en dat die niet leidend zouden moeten zijn. Nee, er moet gewoon gebeuren wat gedaan moet worden.

Ik denk dat u en ik, wij allemaal, hiermee in ons persoonlijk leven wel ervaring hebben: situaties waarin hiërarchie en status het verhinderen dat gedaan wordt wat moet gebeuren en dat, bovendien, status en hiërarchie, werkelijk contact tussen mensen, in de weg staan of verhinderen.
Ik denk ook dat wij allemaal ervaring hebben met mensen die menen dat zij bepaalde rechten hebben en dat zij het voor het zeggen hebben.
Dat zijn de mensen die schreeuwen en hun stem verheffen, die luidkeels roepen in het openbaar, geknakt riet breken en kwijnende vlammen doven omdat zij, vanwege hun bezit, hun positie, hun etniciteit, religie, opleiding, plaats waar ze wonen, seksuele geaardheid of wat dan ook, denken dat zij de maat der dingen zijn.

Van 2013 tot 2018 hebben Tjeerd en ik in Hong Kong gewoond. U kunt zich voorstellen dat we de ontwikkelingen die daar nu plaats vinden op de voet volgen. Onze vrienden, collega’ s en studenten houden ons, bijna van uur tot uur op de hoogte van de gebeurtenissen. Hoe mensen daar de straat op gaan om óp te komen voor waarden die wij hier in Europa -en breder: in democratische landen-, vanzelfsprekend vinden. Onafhankelijke rechtspraak, vrijheid van meningsuiting, gelijkwaardigheid en respect voor mensenrechten.

In die vijf jaar hebben wij ons erover verbaasd, dat er zo weinig werkelijke belangstelling is, vanuit NL, Europa voor wat er in China, en breder: in Azië, gebeurt. Men kijkt alsmaar naar de Verenigde Staten en staat met de rug naar Azië. Dat is niet zo verstandig, want we hebben gezien en ervaren in Hong Kong, hoe snel onze wereld aan het veranderen is.

Waar we het net over hadden, hoe in intermenselijke verhoudingen sommigen menen de maat der dingen te zijn, zij die hun stem verheffen en luidkeels roepen, zien we eigenlijk ook in de verhoudingen tussen landen en continenten. Net zoals mensen zich, vanwege bezit, positie, opleiding of wat dan, superieur en de norm voelen, zijn er ook landen en continenten die menen dat zij de maat der dingen zijn. Dat zij het voor het zeggen hebben vanwege hun positie in de wereld, hun economische, politieke of militaire macht, hun democratische waarden. Omdat zij denken dat uiteindelijk, iedereen zal verlangen naar de waarden en de weelde die voor hen de norm is.
Maar onze wereld verandert snel.

Wie voetstoots aanneemt dat, uiteindelijk, de op democratische waarden gebaseerde wereld de maat der dingen is, kan bedrogen uitkomen.

Dit gezegd hebbende rijst natuurlijk de vraag: wat nu? wat is wijsheid? Voor het beantwoorden van die vraag grijp ik terug op de Bijbelteksten die we zonet gelezen hebben en als ik die relateer aan mijn eigen, persoonlijke ervaringen, opgroeiend in Suriname, wonend in Europa, Latijns Amerika en Azië, werkend in verschillende contexten ligt voor mij het antwoord in het werkelijk interesse hebben in elkaar. Geïnteresseerd zijn in de vraag: wie is de ander.

Tjeerd en ik geven regelmatig lezingen en we bezoeken kerken, zoals Tjeerd in Nov 2018 ook hier in Enkhuizen geweest is, om te vertellen van onze ervaringen, in Latijns Amerika en korter geleden dus, in China. Ons pleidooi is steeds: mensen open je ogen. De wereld is zoveel groter en er gebeurt zoveel meer dan wat wij hier in Nederland en Europa zien en ervaren.

Leven is je onderdompelen. Net zoals Jezus werd ondergedompeld.
En daarvoor hoef je niet ver te reizen. Dat kan overal. Door werkelijke interesse te hebben in je omgeving, in de vraag wie de ander is. En door je niet blind te staren op positie of status, maar oog te hebben voor dat wat er gedaan moet worden. Om van deze wereld, van dit land, deze stad, deze straat, deze school, deze werkplek, of dit portiek een betere plek te maken.

Jezus dompelt zich onder en laat zich dopen door de persoon die zichzelf daarvoor te nederig vond. Het gaat niet om hiërachie of status, niet om wie het hardst roept, maar om wie de mens is. En haar of zijn bereidheid te doen wat er moet gebeuren. Om de vraag of je bereid bent je onder te dompelen, je kwetsbaar op te stellen te zien wat er gedaan moet worden en openstaan voor dat wat anders is. Voor wat de ander meebrengt en daar oprecht nieuwsgierig naar zijn.

Voor mij is het duidelijk: als mensen, hebben we elkaar harder nodig dan ooit tevoren. De uitdagingen waar we voor staan, zoals mondiale onrust, migratie, klimaatverandering, epidemieën, vragen een collectieve inzet. En vragen dus, dat wij mensen ons werkelijk verbonden voelen met elkaar, zonder gevoelens van superioriteit of van inferioriteit, zonder te denken dat wie dan ook de norm is.

Ik ben al een paar keer voor allerlei activiteiten bij de Grote Suriname Tentoonstelling geweest en iedere keer als ik er ben valt het mij weer op, dat mensen eigenlijk heel weinig weten van Suriname. En dat ze verbaasd en onder de indruk zijn van het multiculturele en multireligieuze karakter van de Surinaamse samenleving.
En dan wordt mij vaak gevraagd hoe het toch komt dat in Suriname diversiteit wel een bron van kracht is, terwijl het op zoveel plekken in de wereld tot ellende en zelfs oorlog leidt.

Dat komt, is mijn ervaring, door het besef dat er was in Suriname, dat men elkaar nodig had. Om, indertijd na het instorten van de plantage economie, het land op te bouwen, waren alle krachten nodig. Er moest gebeuren wat gedaan moest worden. Niemand kon zich permitteren zich superieur of inferieur te voelen aan de ander, er was geen leidende cultuur, maar er moest een cultuur van gemeenschappelijkheid ontstaan.
Gebaseerd op respect en wederzijds begrip. En die kan alleen ontstaan als je werkelijk geïnteresseerd bent in elkaar.

Zusters en broeders, straks zingen we een lied uit Brazilië: wat doe ik nu ik Christus ken. De schrijver van het lied heb ik in Brazilië persoonlijk ontmoet en hij vertelde mij hoe hij dit lied schreef, als student, uit een gegoede familie. Als jonge idealist was hij op pad gegaan, eerst naar arme delen van zijn stad en later van zijn land. Hij maakte de ellende mee van de mensen, maar hij kwam er ook tot geloof, omdat hij ‘geïnfecteerd’ raakte, zoals hij zelf zei, door het vertrouwen van juist die mensen, in God en Jezus, omdat die hen zagen en accepteerden zoals ze zijn. Niets meer en niets minder.
Wat doe ik nu ik Christus ken? Vroeg hij zich af.

Ik denk dat de grote opdracht van onze tijd is, en wat mij betreft geldt dat zeker voor ons, mensen die Christus kennen, dat we elkaar zien en accepteren zoals we zijn -en voor wat we zijn: allemaal mensen. Het begint met nieuwsgierigheid, werkelijke interesse in wie de ander is.
Het begint met stoppen met het snelle oordelen, en ver-oordelen, het luidkeels roepen en schreeuwen, al dan niet in oppervlakkige media en sociale media.

Het is een oproep om niet apathisch te zijn, te doen wat er gedaan moet worden, eigenlijk net als Anansi, vol vertrouwen en met lef, wetend dat je zelfs de machtigste leeuw en de sterkste olifant te slim af kunt zijn, als je werkelijk verbinding zoekt, vanuit je hart, met de ander en met hierboven.

Amen.

Zingen: “Wat doe ik nu ik Christus ken”

Gebeden

Inzameling

Lied 675

Zegen:
Moge God je zegenen met ontevredenheid over gemakkelijke antwoorden, halve waarheden en oppervlakkige relaties opdat jij onverschrokken de waarheid mag zoeken in liefde diep in je hart.
Moge God je zegenen met woede over onrechtvaardigheid, onderdrukking en uitbuiting van mensen opdat jij onophoudelijk mag werken aan rechtvaardigheid, vrijheid en vrede voor allen.
Moge God je zegenen met tranen die mogen vloeien met hen die lijden aan pijn en afwijzing of het verlies van een geliefde opdat jij je hand mag uitstrekken en hun pijn in vreugde mag veranderen.
Moge God je zegenen met genoeg dwaasheid om te geloven dat jij een verschil kan maken in deze wereld opdat jij door Gods genade kan doen wat anderen voor onmogelijk houden.