Zondag 13 januari

Esther (2)

door ds. H.G. Haandrikman

Het boek Esther verplaatst ons naar Perzië, het huidige Iran dus, maar neem er gerust een stuk van Irak bij. Het was hèt wereldrijk in de 5e eeuw voor Christus. Koning Cyrus/Kores (onder wie de terugkeer van de Joden naar Israël was begonnen) had het rijk grootgemaakt en Darius had het nadien politiek bestuurbaar gemaakt.

Maar de slag bij Marathon(490), beschreven door de Griekse schrijver Herodotus, had de expansiepolitiek van de Perzen tot staan gebracht…. (de ijlbode… 42 km).
Na Darius was “Khasjajar-sjah” in 486 aan de macht gekomenen. De Grieken verbasterden het tot Xerxes. De Joden maakten er Ahasveros van in het boekje Esther.
Hij had in het eerste jaar van zijn regering een opstand in Egypte en daarna in Babel krachtdadig de kop in gedrukt. Het ging dus goed met Perzië onder Ahasveros en de arrogantie van de macht proeven we dan ook in het boekje Esther.
Hij was (volgens de beschrijving van Herodotus) een beïnvloedbare, wispelturige tiran, die zowel kon huilen over een sentimenteel verhaal, als in woede kon uitbarsten over een kleinigheid; hij kon wreed zijn ten opzichte van een vriend die zich tegen hem keerde, als vergevingsgezind ten opzichte van een overwonnen vijand.

Het boekje Esther is een eigenaardig Bijbelboek, in vele opzichten. Het meest eigenaardige is wel, dat het woordje ‘God’ er helemaal niet in voor komt. En dat zou je toch wel verwachten in een Bijbelboek.
Dit is dan ook één van de boekjes die heel wat stof heeft doen opwaaien tijdens de canonvorming = de opstelling van de lijst (Grieks : ‘kanon’) welke boeken nou wel en welke niet in de Bijbel thuishoren.
Voor het Jodendom was daar geen discussie: omdat het boek verbonden was met een religieus feest: Purim… De instelling van dit feest vinden we in Esther terug. Het is voor hen een boek van alle tijden, hoe op wonderlijke wijze het Joodse volk verstrooid onder de heidenvolkeren ontsnapt is aan de uitroeiing.
U voelt wel, hoezeer zo’n boek tot de Joodse ziel spreekt.

De Christelijke kerk heeft de Joodse canon overgenomen, maar altijd is er kritiek geweest op dit boek. Veelbe¬tekenend: Noch Cal¬vijn, noch Luther hebben ooit dit Bijbelboek van uitleg voor¬zien. terwijl in de Joodse lite¬ra¬tuur het boekje Esther één van de meest becom¬menta¬rieerde is….
Toch staat het boekje ook in onze bijbel. De vraag aan ons: komt God toch voor in dit boekje en hoe dan?
Als we vandaag met het verhaal een begin maken dan doen we dat direct al met Esther 2, waar wordt verteld over de opkomst van dat Joodse meisje met haar naam die in het Perzisch “ster” betekent. Haar ster rijst aan het Perzisch hof, en hoe. In het Hebreeuws betekent haar naam echter zo iets als “ik ben verborgen”. Zal zij gaandeweg het verhaal ervoor uit durven te komen wat haar identiteit is, Joodse als zij is? Een coming-out? Hoe actueel in onze dagen, als menig Jood de neiging heeft zich te verstoppen, weg te kruipen in hun schulp. En daarin delen zij in wat ook anderen kunnen meemaken, wereldwijd, homo’s b.v. en nu ook weer dichtbij door dat Nashfield pamflet. Hoeveel mensen moeten niet verborgen hun weg gaan? Of voelen zich weer opnieuw weggeduwd.

We luisteren zo naar het tweede hoofdstuk. Maar wat is er intussen gebeurd?
Koning Ahasveros belegt een feestmaal. Iedereen die wat betekent is geno¬digd. Mannen dus. Zeven dagen lang mocht men drinken zoveel men wilde. Nu is er niets tegen een feest, nu is er ook niets tegen uitbundigheid, maar zoals de Spreukendichter al wist: Van wijn word je een spotter, van drank een braller, wie zich bedrinkt, verliest zijn verstand.
Op de laatste dag van het feest komt dat op pijnlijke wijze aan het licht. Ieder¬een heeft zich vol gegeten en zat gedron¬ken en de grootste van allen, de koning gaat over de schreef…
De dronken koning laat een bevel uitgaan naar de vrouw van zijn voorkeur: Vasti. Hij verlangt dat zij komen zal om haar schoonheid te tonen aan al zijn vrienden en collega’s, vorsten en rijksgroten.
Vasti bedankt voor de eer, om zich zo te tonen aan dat stelletje dronken mannen. En onze sympathie ligt meteen bij haar en keert zich tegen die opgeblazen mannenwereld, die vrouwen als lustobject op commando laat opdraven.
Vasti stelt een moedi¬ge daad, een levensgevaarlijke zelfs, want door ‘neen’ te zeggen trotseert zij een bevel van de koning van Meden en Perzen.
Haar persoonlijke integriteit, naar ziel en lichaam, heeft zij hoger staan dan haar leven.
Maar: bevel is bevel, zeker bij de Meden en Perzen. En de koning, dronken als hij is, kan het niet opbrengen om respect te betonen aan zijn geliefde vrouw. Dat kan hij zich niet permitteren. Dan zou hij zich belachelijk maken.
In de wereld van mannelijke macht is er slechts éénrichtingsverkeer: Er is geen weg terug. Altijd meer, desnoods van kwaad tot erger…
Wat zijn deze machtige mannen toch dwaas.
Erken¬ning van ongelijk, falen is een vernedering… is een blijk van zwakte, een degra¬datie.

Dat is ook de ‘wijze raad’ van de 7 vorsten van Perzië. Nou ja, wijs.. Zij redeneren en adviseren als volgt: Andere vrouwen zouden eens op een idee kunnen komen, en ook eens voor hun ‘eer’ en ‘recht’ kunnen gaan opkomen tegenover hun mannen: Kom koning, gauw: een wet, eentje van Meden en Perzen erover¬heen, zodat voortaan iedere vrouw weer goed weet, dat de man de baas is in het huisgezin en in het ganse rijk!.

Vasti Zij is de zondebok waardoor het regeren met man en macht kan blijven bestaan, het systeem zich zelf kan handhaven. En voor die ene straks 1000 anderen. Hoe kan in deze gesloten samenleving, vol mannelijke hoogmoed en dwaasheid, hoe kan in deze samenleving nog iets anders gebeuren dan ‘kwaads’? Eerst de vrouwen, dan de Joden… inderdaad: Je voelt het a.h.w. al aankomen.

Vasti wordt aan de kant geschoven, zij mag zich niet meer vertonen en is koningin. af. Tijd voor een nieuwe koningin… liefst eentje die behalve bloedmooi ook onderdanig is. Een heuse missverkiezing! We luisteren naar Esther 2
De naam van Esther: ik ben verborgen. God die in dit verhaal verborgen is. En er is meer dat verborgen is. De koning weet bijv. niet dat Esther een Jodin is.
Hamann weet dat ook niet. Hij weet ook niet dat Mordechai ooit de koning gered heeft.
De koning weet dat ook niet meer, maar komt maar komt er toevallig achter enz…
Dat maakt het verhaal ook zo spannend èn zo modern. Want zeg nou zelf, doorgronden wij al onze daden? Weten wij waarom een ander mens iets doet of nalaat? Kennen wij de consequenties van onze daden? Kunnen wij in andermans hart kijken?

Er wordt in het verhaal gespeeld met wat in het verborgene gebeurt. En het verhaal lijkt ons ook een beetje te waarschuwen voor direct aanwijzen waar iets van Gods ingrijpen te zien zou zijn of waar je kunt spreken over voorzienigheid.
Af en toe, en ik denk dat iedereen dat wel eens heeft, dat er iets zo gebeurt dat je denkt: het heeft zo moeten zijn. Zo verstuurde ik afgelopen week een verjaardagscadeau aan een vriend van mij die net aan beide voeten geopereerd is. Een boek over de Zijderoute. China dat via de aloude route over land handelswegen aanlegt en blootlegt naar Europa. Een fascinerend boek over wereldgeschiedenis en de huidige wereldeconomie. Ik had daar een mooie kaart bij gedaan met zoets van: ‘nu je er niet letterlijk op uit kunt, kun je in met dit boek wandelen langs verre wegen.’ Mooi toch..? Ik hoorde er niets op terug en ik dacht al dat het verkeerd was gevallen. Wat bleek nu: bij Bol.com waren twee boeken verwisseld en bij hem was een boek over sokken breien bezorgd. Met zoiets als de wens van: nu kun je lekker aan de slag. Nu ja, u begrijpt dat dat normaal gesproken al voor verwarring zorgt maar wat het nog gekker maakt is dat zijn vrouw binnenkort voor een paarmaanden naar Austalië gaat om daar een vriendin op te zoeken. En ze hadden het plan opgevat om de kosten wat terug te verdienen met het breien en verkopen van jawel: sokken. Ze had net een cursus hakken breinen gevolgd en was op zoek naar een goed boek daarover en daar valt dit boek op de mat…!
Inmiddels heeft Bol.com de fout hersteld en ze mogen ook het sokkenboek houden.
Hoe de sokkenbreister die een boek over de Zijderoute kreeg, is gebeurd weet ik helaas niet.
Maar bij zoiets denk je toch onwillekeurig aan iets van sturing. Dit is natuurlijk een onbenullig voorbeeld en ik hoor regelmatig verhalen waarbij de samenloop van gebeurtenissen heel wat meer kan betekenen in de zin van precies op het juiste moment, precies de juiste woorden, precies de juiste ontmoeting. Momenten waar bij je denkt: hoe is het mogelijk!

Over een dergelijke sturing, of voorzienigheid of hoe je dat ook met alle voorzichtigheid zou willen noemen, gaat het hier bij Esther niet.
Toch gebeurt hier iets in het verborgene waarvan je achteraf kunt zeggen hier is iets te vinden van hoe geloof en hoop en liefde, kortom hoe God zichtbaar kan worden dwars door onze onmacht en gekonkel en je breed maken en ten koste van anderen jezelf op de voorgrond zetten.
Maar hoe dan? Hoe zit dat met die verborgenheid? Waar is God te vinden?
Waar zit God nu eigenlijk in dit verhaal? Zijn naam wordt in dit Bijbelboek nergens genoemd. Dus ook hier niet, in dit 2e hoofdstuk. Hij is evenzeer verborgen als Esther dat zelf is als het om haar wortels gaat, haar roots, haar joodse identiteit. Maar hoe belangrijk blijkt dat straks niet te zijn, dat Esther de liefde gewonnen heeft van die machtige koning Ahasveros, en zo dichtbij het koninklijk vuur komt te zitten?
Geldt hier niet: kromme stok, rechte slag? Is de Eeuwige al niet bezig om door al het gekonkel van mensen heen, dwars door hun misstappen en blunders heen, zijn weg te gaan?
Een verhaal dat vertrouwen voedt, goede moed geeft, als donkere wolken zich samenpakken?
Een God die verborgen is. Zoals veel vaker in de verhalen van de Bijbel, en wel heel bijzonder ook in het verhaal over Jezus. Als die kopje ondergaat op de weg naar het kruis.
God, onherkenbaar, verborgen, maar ondertussen, meer nabij dan ooit. Waar wij mensen in de fout gaan, het laten afweten, andere goden dienen, het leven een puinhoop wordt, je er geen touw meer aan kunt vastknopen… God verborgen in de gestalte van een kwetsbaar en aangeslagen mensenkind.

Hoe ontvouwt zich in de verborgenheid het verhaal van Esther als heilsverhaal?
Hoe worden wij ingeschakeld als het er op aan komt. Of liever want het gaat in alle voorzienigheid in het verborgene om onze eigen verantwoordelijkheid.
Gods werk schakelt ons niet uit, maar in
Sterker nog: Gods voorzienigheid wèrkt door middel van ‘dat wij onze verantwoordelijkheid op ons nemen’, door wat wij doen en laten (waar – voor wie – wij voor buigen, waarvoor niet)… Als Mordechai zijn nicht Esther niet naar voren had geschoven, als Esther op het cruciale moment niet het juiste woord had gesproken… hoe was het dan gegaan!

M.a.w.: Gods schakelt ons niet uit, maar ìn in zijn werk. God en mens zijn geen concurrenten, maar eerder partners. Gods voorzienigheid, die enkel beleden kan worden, niet bewezen, wèrkt dwars doorheen het menselijk handelen, ertegenin en ermee.

Wordt vervolgd

In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.