zondag 14 oktober *4e zondag van de Herfst

ds. Burret Olde

(inleiding over Marcus)
Het evangelie van Marcus heeft een heftig begin. We zijn nog geen drie hoofdstukken op weg of we horen dat Farizeeën en anderen al overleggen hoe zij Jezus kunnen ombrengen. Als dat zo doorgaat, haalt Jezus hoofdstuk 5 niet eens, om het eens zo uit te drukken. Als Jezus dan weer begint te onderwijzen, kiest hij bewust voor gelijkenissen. De gelijkenis van de zaaier is daarvan in het Marcus-evangelie de eerste.

Het Griekse woord ‘parabole’ is afgeleid van het hebreeuwse ‘maschal’. Dat heeft de brede betekenis: raadsel, geheim, vergelijking. Het zijn woorden, verhalen, beeld-verhalen, die heenwijzen naar andere woorden, verhalen. In de concrete situatie van Marcus 4 gebruikt Jezus versluierde beelden, raadselspreuken en verwijst op die manier naar heilgeheimen die voor anderen verborgen moeten blijven. Aan de discipelen wordt het geopenbaard.
De gelijkenis van de zaaier is in feite niets anders dan wat er in hoofdstuk 1 t/m 3 al verteld is. Daar staat nl. dat in Jezus Christus het koninkrijk van God nabij gekomen is. Jezus laat daar zien hoe dit koninkrijk werkt en hoe erop gereageerd wordt. Het gaat in Marcus 4 ook om het komen van het koninkrijk Gods.

In de hoofdstukken 1 t/m 3 zijn we getuige van de weerstanden die het Evangelie ontmoet. Er is oppervlakkigheid, er zijn de mensen die onder de indruk van de wonderen zijn, maar dieper gaat het niet. Er is ongeloof. Er is verzet. Het koninkrijk lijkt soms helemaal niet door te zullen breken. Maar dan toch, op plaatsen waar je het niet altijd zou vermoeden, daar draagt het vrucht. Er zijn criminelen, er is een schare om Jezus heen, in wie het Woord vrucht draagt, 30, 60 en 100-voud. Maar de reacties op de komst van het koninkrijk zijn dus tweeërlei: voor de een blijft het een raadselspreuk, voor de ander is het heilgeheim.
In de gelijkenis van de zaaier kan Jezus zichzelf kwijt. Hij is de verhulde beeldspraak, Woord in het vlees. Maar wie ziet in Hem het heil, de Redder? Tot op de huidige dag is de vraag: wie is Jezus? De reacties zullen altijd tweeërlei zijn: een raadsel en een heilgeheim.
Met de zaaier wordt dan nog eens God zelf bedoeld. God, die zijn eigen zoon zaaide. Deze zoon wordt als zaad in de akker gestrooid om daar vrucht te dragen. Indien de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft zij op zichzelf. Maar indien zij sterft, brengt zij veel vrucht voort. De vrucht is er alleen door de dood van Jezus heen.

Wandkleed ‘De Zaaier’
Intro: vragen naar de achtergrond van de hoorders: wie is landbouwer (geweest)? Wie kent het landleven? Wie heeft er een moestuin? Eigen ervaring vertellen

Het wandkleed ‘De Zaaier’ bekijken:
Dit kleed is niet zomaar een kleed. Door de weldoordachte compositie van betekenisvolle vormen, beelden, kleuren en verhoudingen is het een beeldenpreek. Zichtbaar opgebouwd tot een geometrische eenheid, die de toeschouwer uitnodigt om te luisteren. Om kijkend te verstaan.
Het kleed is in 2 helften verdeeld. (aanwijzen) Beide delen bestaan uit drie gestapelde en verschillend gekleurde vlakken. (A1, 2 en 3 en B1, 2 en 3) Ieder vlak is een drager van een eigen beeldsymboliek en vormsymboliek.
Duidelijk staat de mensenfiguur in het midden. Deze figuur is frontaal geplaatst op de centrale as van het kleed. Het is de zaaier. Zijn ogen kijken ons vragend aan. Evenals de rest van het kleed met de overheersende kleuren oker en blauw.

Op het eerste gezicht doet het allemaal nogal solide, zelfs wat statisch aan. De voorstelling is nu niet meteen expressief of spontaan. Alles is bewust en opzettelijk neergezet. Het kleed ademt evenwicht, harmonie en warmte.
De maker, de ontwerper, Henk Krijger zoekt het gesprek met de kijker. Het gaat hem om meer dan een ogenblik kijkplezier. Het gaat hem om de inhoud. Met een bijzondere boodschap. Het loont de moeite om dit kleed nader te bekijken, erin te duiken.

Op de bovenrand lezen we DOCETE OMNES GENTES BAPTIZANTES =
LEERT ALLE VOLKEREN DOPENDE.
De onderrand vervolgt: EOS IN PATRIS E.FILII.E.SPIRITUS.SANCTI =
HEN IN DE NAAM VAN DE VADER, DE ZOON EN DE HEILIGE GEEST.
Daarbij staan nog de namen van Henk Krijger (ontwerper) en J.A.Brandsma (uitvoerder). Het wandkleed is gemaakt van geknoopte wol.

De twee helften zijn van kleur sterk verschillend. Aan deze kant, de lichtere kant overheerst het okergeel, roodachtige, groen-grijsblauw. Aan deze kant, de donkere kant overheersen de donkere kleuren als blauw, paars, bruin en zwart.
Dat is licht tegenover donker
leven tegenover dood
goed tegenover kwaad.

De zaaiende landman, met de zak met zaaigoed om de schouders, staat midden op de twee helften. Hij verbindt de twee helften.
Zijn houding, brede schouders en gespreide benen lijken wel een X uit te beelden. Is die letter X een verwijzing naar Christus? Het lijkt voor de hand te liggen. De griekse letter X is de eerste letter van de naam Christus. Misschien is deze uitleg te voorbarig. Want de diagonale lijn van links boven anar rechts beneden is dominanter dan de andere lijn.
Wijst Krijger ons daarmee op een geheimzinnige samenhang tussen de betekenis van A1 en B3? Ik meen van wel. En het is geen toeval. Niets is toeval in dit ontworpen kleed.

De lijn van linksboven naar rechtsonder is het sterkst. Wil dat iets zeggen?
De lijn gaat van A1 naar B3. Wat gaat er van het oog uit richting de donkere voren inde grond? Waar het zaad uit de hand zal neervallen?

Laten we het nogmaals en dan nauwkeurig bekijken? We beginnen opnieuw bij de ene helft, de lichtere helft bevat drie vlakken. Ten eerste ,bovenaan, het grijsblauwe vlak met het oog en de drie vierkanten, waarin drie kruizen te zien zijn.  Het oog. Ons voornaamste zintuig. Het oog. In de christelijke kunstgeschiedenis ook symbool voor Gods alwetendheid en vaderlijke zorg. Op vele iconen staat het oog voor Gods alomtegenwoordigheid.

De drie vierkanten, met de drie kruizen erin, zijn de top van de boom. De knoppen van de boom. Drie in aantal. Het getal drie staat voor God Drieenig.
De kleuren lijken dit te onderstrepen: de kleur wit is de kleur van reinheid en zuiverheid. Kleuren van God. Rood (zoals het hart van de kruizen) is de kleur van de Geest. Het kruis zelf is symbool van Christus. God, Geest en Christus.  God Drie-eenheid.
Het is alsof de kunstenaar in dit vlak belijdt: er is een God, alomtegenwoordig en drieenig, Vader, Geest en Zoon.

Op het middenvlak, langgerekt, staat een boom, met een dubbele stam, in twee kleuren: blauwgrijs en roodachtig. Met 2 x 6 bladeren. De boom is in de bijbel het symbool van goddelijke wijsheid. Het paradijs kende twee bomen: de ene voert ten leven en de ander brengt de dood.
De 12 bladeren verwijzen naar het vrucht dragen, 12 maal zoals in openbaringen 22 staat. 12 heeft ook weer een relatie met de zonen van Jacob, het volk Israël.

Kijkend naar A3 wordt het oog getroffen door 25 zesbladige witte bloemvormen. Enkele zijn ten dele zichtbaar. Zesbladige bloemen. Ook hier gaat het om betekenis. Vooral bij het herhaalde getal ‘zes’. Dit is in Bijbelse zin ‘het voorlaatste’. Van de zes scheppings- en werkdagen. Maar ook de zes lijdensweken, zoals nu in de 40dagentijd. Maar bovenal verwijst het, in het geheel van het kleed, op de schepping.

We gaan naar de rechterhelft.
Door de dominerende diagonaal worden we gedwongen aar B3 te kijken., om als het ware vanuit het besef van de goddelijke alomtegenwoordigheid (A1) goed naar het onderste beeldvlak te kijken. Dit vlak bestaat uit de kleuren terra en donkerbruin. Het lijkt op omgeploegde aarde. De stipjes verbeelden het zaad, dat de zaaier strooit in de voren. Geploegde aarde, symbool voor graf en dood. Of doet het aan de zondeval van de mens denken?

Met die opmerking komen we in het middenvlak rechts. B2. Nog vanuit B3 rijst een paalvorm verticaal omhoog. In dit vlak B2 zijn ook golflijnen te zien. Water, water ligt hier voor de hand. Enerzijds is Christus het levende water. En met water kan je gedoopt worden.  Aan de voet de kop van de slang, wiens lichaam via vlak B2 omhoog kronkelt naar B1. De slang is symbool voor verleider en kwaad. De slang, dan is de zondeval ook aan de orde.
De plaats van de kop, bij of onder de voet is iets bekends in de christelijke kunst: zonde en dood zijn door het kruis van Christus overwonnen.
Het vlak rechts bovenaan, B1, bevat het kruis. De kleur wit overheerst daar op het kruis. Het vlak bevat verder licht paarse en bijna zwarte, maar blauwe banen. De kleur paars verwijst naar het lijden van Christus. De kroon versterkt dit idee van het lijden van Jezus.
Maar in de christelijke kunst is het gekroonde kruis symbool van de Verrijzenis. Christus is opgestaan. Hij is Kurios, Heer.

Is dit alles wat dit kleed ons te zeggen heeft? Wat is de samenhang van het kleed? Het gaat niet alleen om de vlakken A1, 2 en 3 of B1, 2 en 3. het gaat ook om de man, de mens in het midden. De zaaier.
Hij is blootvoets. Gekleed in een overal, als een boer op het land, Op de buik een zaaigoedbuidel, die hij met zijn rechterhand vast houdt. Met zijn linkerhand maakt hij een zaaibeweging.
Zijn gezicht is eigentijds. Zijn ogen zijn eenvoudig, indringend, kijken ons aan. En de oren, ja, die zijn opvallend, royaal geschapen.
Achter het hoofd een geel vlak. Zijn open gezicht wordt daardoor versterkt. De zaaier, dan lijkt nu wel duidelijk. Het gaat hier over de zaaier uit Marcus 4.

Maar de details zeggen meer! In zijn linkerhand zijn nl vier geel-gekleurde vlakjes te zien: bij 4 moeten we denken aan de vier evangeliën, die het zaad van de Goede Boodschap uitstrooien.
Op de buidel, of erin zijn duidelijk 2 x 12 vlakjes te zien. Twaalf, daarvan hebben we de symboliek al weergegeven: 12 staat voor het volk van God, voor de 12 apostelen.

En de blote voeten trekken ook de aandacht. De rechtervoet staat in A3, de linkervoet in B3. In de bijbel is iemand met blote voeten een heilige. Als we nu A3 associëren met ‘leven, schepping’ en B3 met ‘graf en dood’, dan ligt hier het geheim van het kleed. De stand van de voeten bevat de sleutel van het raadsel van het kleed.

Het kleed laat ons eerst, A1, God, almachtig en drie-enig die de mens schiep, A3, bedoeld als een op God gericht wezen, met enerzijds de keuze tussen goed en kwaad, en anderzijds de belofte van een nieuwe aarde en hemel (A2)

Door de zondeval werd de mens onderworpen aan zonde en dood (B3). Maar de dood en de zonde werden overwonnen door het Levende water B2, in Christus, die door Kruis en Verrijzenis de dood overwonnen heeft.
Vanuit deze kennis heeft ieder mens de plicht om het zaad van de blijde boodschap uit te strooien. De boodschap zoals in de vier evangeliën verwoord is. Dat staat in grote letters ook bovenaan en onderaan het kleed. Leert alle volkeren hen dopende .

Maar wie is de zaaier zelf? Is het de mens in het algemeen? Elkerlyc? Misschien de predikende, evangeliserende mens? Of is het een zelfportret van de kunstenaar? De zaaier is de gelovige mens in het algemeen, iedere christen, die weet heeft van de schepping en verlossing; die uit dankbaarheid hiervoor het zaad van de blijde boodschap moet uitstrooien.

Opdracht voor gesprek:

De Zaaier, dat bent u/jij. Heeft u zelf ook zaag gezaaid in uw leven? Welk zaad wilt u nu of later zaaien? Welk zaadjes heeft u in uw hand?
Positief of negatieve ervaringen… hoe dan ook: God is de Zaaier van de mens. Hij heeft het zaad in ons allen gezaaid en wacht op onze reactie. God staat aan het begin en einde van ons leven..

Amen