zondag 21 maart * zondag Judica * de heer Gerrit de Graag

Orgelspel (Fantasia in c moll BWV537 van J.S. Bach)

Welkom en afkondigingen (door ouderling van dienst)

Intredelied: Psalm 65: 1 en 2 (You Tube)

Toelichting  Zondag Judica: Verschaf mij recht, o God Psalm 43

Groet en Bemoediging

Gebed van toenadering

Kyrie en Gloria (Liedtekst bij ‘Goede Machten’ van Dietrich Bonhoeffer, begeleid door organist op kistorgel)

Evangelielezing: Johannes 12: 20 – 33 door lector

Lied 556: 1 en 4 (tekst op scherm, met orgelbegeleiding)

Overdenking

Gemeente van onze Heer,
Op deze vijfde zondag van de Stille Tijd willen we stilstaan bij een van de laatste gesprekken van Jezus voordat Hij door de dienaren van de hogepriester gevangen genomen wordt. De evangelist Johannes plaatst dat gesprek na de glorieuze intocht in Jeruzalem waar Jezus als een koning werd binnengehaald: Hosanna, gezegend Hij die komt in de naam van de Heer, de Koning van Israël! Volgende week, met Palmzondag, zult u er ongetwijfeld meer over horen. Maar het is in ieder geval duidelijk geworden dat de Joodse leiders een plan beraamden om Jezus te doden. En de Joodse zeloten, vooral uit het Noorden van Israël, hadden totaal geen vertrouwen in een leider die zei dat je de keizer moest geven wat des keizers was. En ook voor vele anderen was die intocht op een ezel toch de anticlimax na hun hooggespannen verwachtingen. Het ‘heden Hosanna en morgen kruisigt Hem’ begint zich nu al af te tekenen.

Maar nu komen er een paar buitenlanders, het zijn Grieken, naar het kamp van Jezus. Ze zijn naar Jeruzalem getrokken om daar het Pascha te vieren en willen wel eens weten wie die zogenaamde koning nu eigenlijk is en misschien wel om Hem hulde te bewijzen. Ik moest even denken aan de Wijzen uit het Oosten in de stal van Bethlehem en nu de belangstellenden uit het Westen in Jeruzalem. Toch krijgen ze van Jezus een geweldig antwoord: de mensenzoon wordt tot majesteit verheven. Dus toch een koning? Jazeker ! De evangelist Johannes , de apostel die Jezus lief had , vertelde eerder over Jezus in een gesprek met Nicodemus: Want God had de wereld zo lief dat Hij Zijn enige Zoon heeft gegeven, opdat iedereen die in Hem gelooft niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. Wat een prachtig perspectief ook voor de mens van vandaag. Het leven is niet zinloos, er is wel degelijk toekomst voor een ieder die de liefde van Jezus aanvaardt en toelaat in zijn leven van alledag ,in de omgang met zijn medemens, de hulp aan de zieken en zwakken in de samenleving. Geen koningschap gebaseerd op macht en aanzien, maar bereid zijn om de minste te willen zijn.

Toch zie ik op de gezichten van die Grieken en in de ogen van de vroegere en huidige wereldbewoners veel onbegrip en ongeloof. Dat was allang voorspeld door de oudtestamentische profeet Jesaja die al enkele honderden jaren eerder een beschrijving van de komende Messias had gegeven: Hij werd veracht, door mensen gemeden, Hij was een man die het lijden kende en met ziekte vertrouwd was, een man die zijn gelaat voor ons verborg, veracht, door ons verguisd en geminacht.

Jezus moet die profetie gekend hebben, Hij weet dat Hij gekomen is in opdracht van Zijn hemelse Vader om de mensheid te redden. Daar heeft Hij alles voor over. En met een eenvoudig maar prachtig voorbeeld probeert Hij de tegenstelling tussen majesteit en minachting  aan Zijn toehoorders uit te leggen. Het is het voorbeeld van de graankorrel die klein en onaanzienlijk blijft zolang die niet in de donkere aarde verdwijnt. Maar als diezelfde graankorrel in de aarde valt en sterft, dan ontstaat er nieuw leven. Hij gaat groeien en vrucht dragen. Zo is Jezus als zo’n graankorrel, Hij moet vallen, sterven en worden begraven, maar dan zal Hij opstaan en worden verheerlijkt door Zijn hemelse Vader.

Toch zien we hier ook het menselijke aspect van Jezus als Hij Zijn discipelen toevertrouwt: Nu ben ik doodsbang! Maar direct hoort Hij dan de stem van God die hem weer nieuwe moed en kracht geeft. Bang zijn en toch doorgaan, zodat je vrucht kan dragen. Ik zag dat terug in een gedicht van Marloes Meijer waarvan ik de laatste strofe lees:

Bang, bang voor mijn traagheid, de wereld is zo snel.
Bang voor het einde, het grijze, de rimpels.
Bang voor de leegte, zoveel vallen er weg.
Ik sterf duizend doden, maar leven, vrucht dragen zal ik,
en God overwint.

In de naam van de Vader en de Zoon en Heilige Geest,

Amen

Lied: Psalm 43: 3 en 4 (You Tube)

Afkondigingen: Overlijdensbericht en In Memoriam

Ogenblik stilte en Lied 961 (Niemand leeft voor zichzelf)

Voorbeden afgesloten met Onze Vader.

Toelichting inzameling door diaken

Slotlied: Lied 723: 1 en 2 Waar God de Heer Zijn schreden zet……(You Tube)

Zegen

Orgelspel (Fuga in c moll van J.S. Bach)