Zondag 27 januari

Ester (3)

door ds. H.G. Haandrikman

Ester. Dat verhaal waarin God niet wordt genoemd, niet aanwezig is, of wel…? In het handelen van mensen die hun directe eigenbelang opzij kunnen zetten. Mordechai en Ester. God is verborgen. Er is veel verborgen in dit verhaal maar ergens in die verborgenheid gebeurt God.
We lezen vandaag uit Esther 3. In het voorafgaande is verteld over de machtige maar tegelijk zo slappe koning Ahasveros die op een feest aan zijn vrienden wil laten zien dat zijn vrouw Vasthi de mooiste vrouw is van het hele land. Maar zij speelt het spelletje niet mee en wordt daarom afgezet als koningin. Een en ander vastgelegd in een wet van Meden en Perzen, onwrikbaar, onontkoombaar. Stel je voor dat ook andere vrouwen hun man zo te kijk zouden zetten…
Maar dan, de troon van de koningin is vacant… Er wordt een Miss Perzië verkiezing georganiseerd om zo een nieuwe koningin te vinden. Wie is het mooiste meisje van het land? Uit alle uithoeken van het land worden meisjes bijeengebracht in de burcht van Susa. Zij mogen na een schoonheidsbehandeling een voor een het bed delen met koning Ahasveros. Wie wordt de nieuwe koningin? De keus valt op het joodse meisje Esther. Ster, dat betekent haar naam in het Perzisch. Maar in het Hebreeuws betekent die naam “ik ben verborgen”. Van Mordechai, haar oudere neef die bij het overlijden van haar ouders de zorg voor zijn nichtje op zich heeft genomen, krijgt zij de strikte opdracht niet te vertellen dat ze Joods is. Verborgen, zoals God dat in dit verhaal is.
Het klinkt allemaal als een sprookje maar mocht je dat denken… Aan het hof is er nog een andere ster die snel stijgt, Haman, de Amalekiet. De Amalekieten, het volk dat bij de tocht van Israel door de woestijn op weg naar het beloofde land, de aanval inzet in de achterhoede, daar waar alles en iedereen loopt die niet zo snel vooruit kan komen, wie zwak is, oud, klein, ziek… Dat belooft weinig goeds. En dat blijkt. Iedereen zal voor hem, Haman, buigen als een knipmes. Er is er echter één die dat vertikt, en dat is Mordechai, de Jood.
We luisteren naar Ester 3

In november 2005 hebben de Verenigde Naties besloten dat de bevrijding van Auschwitz op 27 januari 1945 voortaan als Holocaust Memorial Day (Internationale Herdenkingsdag van de Slachtoffers van de Holocaust) herdacht zal worden. Het Nederlands Auschwitz Comité organiseert jaarlijks op de laatste zondag van januari de herdenking. Vandaag 27 januari.
We hoorden hoe in dit oeroude boekje een dergelijke genocide wordt beraamd. In het Jodendom heeft dit boekje Ester daarom een heel bijzondere plaats omdat het beschrijft hoe telkens weer krachten uit zijn op de vernietiging van het Joodse volk. Wat zijn dat voor krachten? In de Joodse traditie noemt men die kwade kracht Amalek. Naar het volk dat tijdens de doortocht door de woestijn het volk Israël dreigde uit te roeien. Of dat nu ooit een bestaand volk is geweest…? Geschiedkundig onderzoek levert niet veel op. Het zal een historische kern hebben maar de naam Amalek is vooral verbonden aan de laffe kracht die telkens weer de kop opsteekt. Bibliotheken zijn vol geschreven over waarom het toch altijd weer het Joodse volk treft.
Vaak omdat ze makkelijk in een samenleving aan te wijzen zijn omdat ze zich zoals Mordechai houden aan hun eigen godsdienstige regels. Merkwaardig – omdat er nooit iets van bekeringsdrang is, nooit de gedachte: jullie moeten ons geloof aanhangen. Dat eigene roept kennelijk ergernis op en maakt ze gemakkelijk tot zondebok of voedt idiote complottheorieën. Hoe dan ook… ook nu wordt Joodse mannen aangeraden geen keppeltje te dragen.
Wat zijn dat voor krachten?
Wat zijn het voor krachten die uit zijn op vernedering en erger van wie anders is, voor wie zich niet sterk kan maken. Wat zijn het voor krachten die jongens ertoe aanzetten om iemand in elkaar te slaan en het dan ook nog te filmen.
Laten we onszelf niet voor de gek houden dat we daar niet gevoelig voor zijn. Ons laagje vernis is maar dun. Toen mijn moeder van bijna 90 op nieuwjaarsmorgen na een nachtje logeren thuis werd gebracht door mijn zus, bleek er bij haar te zijn ingebroken en het hele huis overhoop gehaald. Toen ze ons belden, kreeg ik ook gewelddadige neigingen en betrapte ik mij op wraakgedachten en huilde mee met de wolven in het bos dat er paal en perk gesteld moet worden en dat zij de boel verpesten. Zij…? Wie zijn dat? Je laat je zomaar meeslepen in het aanwijzen van een groep. Hoe terecht mijn boosheid ook is – ik schrok ook van mijn reactie.
Het gaat zo makkelijk dat je achter ideeën aanloopt die een kant op gaan die heel redelijk en begrijpelijk maar die als het er op aan komt mensen ontmenselijken.
Waar lopen wij achteraan. Waar kijken wij bij toe? En vooral hoe kun je je teweerstellen? Hoe kun je iets in jezelf inbouwen waardoor je niet alleen maar primair reageert, niet alleen vanuit jezelf denkt?
Wat zijn dat voor krachten? Israël noemt ze Amalek. We zien in het boekje Ester hoe het gaat als Amalek de macht krijgt.
We zagen al hoe actueel het boekje Ester is. We komen a.h.w. ‘me too’ tegen, we komen het gevaar tegen van een leider die z’n gang gaat, we zien er hoe een groep in de samenleving wordt aangewezen.

Ik krijg regelmatig de vraag wat nou de betekenis van het Oude Testament is met al die gewelddadige verhalen.
Maar wat zijn ze een spiegel.
Het Oude Testament beschrijft de geschiedenis van Israël… niet zo van: toen en toen is dat en dat daar en daar gebeurd… (Dan zou je kunnen zeggen: Nou ja, ‘t zal wel, maar wat gaat mij dat aan, zeker zo’n 25, 30 eeuwen later…)
De geschiedenis van Israël wordt zo beschreven, dat het de geschiedenis van alle volken van alle tijden wordt. Daarom is het Oude Testament ook blijvend interessant.
Denk eens aan de boom van de kennis van goed en kwaad. Hoe vaak staan wij daar zelf in de verleiding. Welke keuze maken wij?
Denk eens aan de Toren van Babel… hoeveel van die torens worden er gebouwd en gaan ten gronde..?
En denk eens aan al de mensen die in alle tijden met Abraham mee gaan die het durft om weg te trekken uit een situatie die niet goed is en op weg te gaan met alleen maar een visioen op zoek naar het beloofde land?
En denk eens aan de doortocht door de Rode Zee? Hoeveel mensen staan niet a.h.w. voor zo’n zee met achter zich een verleden waar je niet naar terug wilt of kunt. Hoe verder? Om dan een stap te wagen in die ongewisse toekomst waar geen weg doorheen lijkt te zijn (dat betekent die Rode Zee) en er dan achter komen dat er stap voor stap een weg is en dat je daar met God en met elkaar doorheen kunt komen.

Deze verhalen zijn oersymbolen van het menselijk leven die op de achtergrond meespreken.

En zo komen we hier in het verhaal van Ester twee levenshoudingen tegen. Die van Haman en die van Mordechaï.
Die van: ik laat me alleen door mijzelf bepalen en die van ik laat me gezeggen door wat boven mij uitgaat, door het grotere belang van wat het betekent kind van God te zijn, geschapen te zijn naar Gods evenbeeld, te leven met: heb God lief in de betekenis van heb je naaste lief als jezelf, in de betekenis van de bergrede, waarbij de onmogelijke mogelijkheid ons wordt voorgehouden je andere wang toe te keren en je vijand lief te hebben, dat de mogelijkheid van vergeving er is en levend gehouden moet worden.
Twee levenshoudingen staan hier tegenover elkaar met de vraag: Waar lopen wij achteraan. Waar kijken wij bij toe? En vooral hoe kun je je teweerstellen?

Mordechai die zijn levenshouding blijft trainen door de dagelijkse gebeden waardoor opvalt dat hij niet buigt voor Haman, die andere levenshouding.
Ester die geconfronteerd wordt met haar afkomst die staat voor dezelfde levenshouding als die van haar oom/neef. En als het er op aankomt een keuze moet maken die tegen haar directe eigenbelang ingaat.
Hoe actueel wil je het hebben? Het is dagelijkse kost.

Het is een bijzonder verhaal dat ons hier wordt verteld. Over God wordt niet gesproken, ook niet waar je dat eigenlijk wel zou verwachten. Maar vooral de vraag die op ons afkomt zoals die op Mordechai en Ester afkomt: wie ben jij, wat bepaalt jou, wat heb je meegekregen en hoe zet je dat in? Stel je voor: jij, ik in deze positie. …
Verborgen gaat God zijn weg, door mensen heen die met vallen en opstaan moeten ontdekken wat hen te doen staat. En zo, in die broze mensen, is God aanwezig, trekt Hij zijn spoor. Zoals dat telkens wordt verteld. Over wie geroepen worden en dan eerst terugdeinzen, niet thuis geven. Maar uiteindelijk springen ze over hun eigen schaduw heen. Gaat Esther op zoek naar scheuren en gaten in keiharde muren. Breekt zij door harde wetten heen en raakt zij het hart van die ander, die koning, zal zij hem wekken uit zijn dodelijke roes.
Ester, ze kan doen denken aan Jezus. Kom ik om, dan kom ik om. Niet mijn wil, maar Uw wil geschiede. Jezus die door de harde werkelijkheid heen breekt van wat mogelijk zou zijn. Die breekt en deelt en zo vele mensen voedt, met vijf broden en twee vissen. Die zichzelf breekt en deelt. Want er is geen toekomst, er is geen leven dan waar er iemand is die voor ons instaat, die zijn leven in de waagschaal stelt. Waar wij ons op onze beurt laten breken, op een aangelegen moment voor anderen willen instaan. Amen, dat betekent: dat het zo mag zijn. Op hoop van zegen.