Proportioneel

Een vermakelijke rubriek op ons televisiescherm vind ik “Gesprek met de minister-president”. Niet omdat ik zo houd van de vetkuif van Hugo de Jonge en ook niet omdat ik het slotwoord van Mark Rutte zo mooi vind. Is dat u weleens opgevallen? De interviewer wenst de premier een goed weekend en steevast beantwoordt hij dat met een hartelijk “wederzijds”. Hij bedoelt waarschijnlijk het even archaïsch klinkende insgelijks, maar kiest voor een ander woord, dat mij steeds herinnert aan de titel van een fameus toneelstuk uit onze literatuurgeschiedenis: ‘Het wederzijds huwelijksbedrog’ van Pieter Langendijk.

Even merkwaardig vond ik de mededeling van de premier dat ons land weliswaar niet actief zou deelnemen aan een strafexpeditie tegen het Syrische regime, maar daar wel achter zou staan, mits deze ‘proportioneel’ (gewoon Nederlands: evenredig) zou zijn. Terecht vroeg de interviewer: Hoe bedoelt u? Het antwoord daarop ging vooral over wie en wat vooral niet geraakt moesten worden: Russen en Russische installaties maar niet over Syrische burgers en, vooral, kinderen.

Liever is mij dan de ruwe, klare taal in het Oude Testament waar keer op keer Israëls God de opdracht geeft een heel volk dat de Israëlieten de voet dwars zet, met wortel en tak uit te roeien. Of, nog liever, de houding van Jezus in het Nieuwe Testament die zegt: heb je vijanden lief. Tegenstrijdig? Nee: helder, duidelijk en geen wederzijds bedrog.

Kees van Zijverden
NHD19apr2018